Volwassenen die kampen met chronische pijn hebben een verhoogde kans op depressieve klachten. Waarom 40 procent van de mensen met chronische pijnklachten depressieve klachten ontwikkelt, was tot voor kort onduidelijk. Nu blijkt uit onderzoek dat het antwoord op deze vraag te vinden is in de hersenen – en specifiek in de hippocampus.

De onderzoekers van de universiteiten van Fudan en Cambridge analyseerden hersenscans van 14.400 deelnemers met chronische pijnklachten en maakten daarbij onderscheid tussen mensen die daarbij wel en geen depressieve klachten hadden ontwikkeld.

Hieruit blijkt dat de dentate gyrus – een belangrijk onderdeel van de hippocampus – een sleutelrol speelt bij hoe mensen met chronische pijn omgaan. In het begin proberen de hersenen zich namelijk aan die pijn aan te passen: de hippocampus kan in volume veranderen en tijdelijk groter worden. Maar als de pijn lang aanhoudt, raakt dit systeem uitgeput. Dan kan de hippocampus juist krimpen doordat immuuncellen en hersencellen ontregeld raken, met depressieve symptomen en cognitieve achteruitgang als gevolg.

Bij de deelnemers met chronische pijn die geen depressieve klachten ontwikkelden, was een lichte toename te zien in het volume van de hippocampus. Dat past volgens de onderzoekers bij het idee dat de hersenen zich proberen aan te passen aan de stress van langdurige pijn. Bij deelnemers die wel depressieve klachten ontwikkelden, was juist sprake van een afname van het hippocampusvolume, samen met verminderde cognitieve prestaties.

Daarnaast is een belangrijke bevinding dat de patronen zichtbaar zijn onder verschillende vormen van chronische pijn en dat deze hersenveranderingen vergelijkbaar zijn onder knaagdieren. Ook bij knaagdieren met chronische pijn is er eerst een verbetering zichtbaar van cognitieve vaardigheden door een kleine groei van het hippocampusvolume, die uiteindelijk omslaat in angstig gedrag en een verslechterd geheugen.

Volgens de onderzoekers zou een antibioticabehandeling – minocycline – een belangrijke rol kunnen spelen om depressie te voorkomen bij mensen die kampen met langdurige chronische klachten. Ook halen de onderzoekers onderzoeken aan rond leefstijlfactoren, waaronder goed slapen, bewegen en voeding. Maar ook mindfulness zou een manier kunnen zijn minder snel in een depressie te geraken. Zo laat eerder onderzoek zien dat mindfulnessmeditatie leidt tot een groter hippocampusvolume. Daarnaast is aangetoond dat mindfulness niet alleen de kwaliteit van leven verhoogt, maar ook symptomen van stress en depressie kan verminderen.

Bron: BNR